Home » Nederlands » Aanmelding Nieuwsbrieven » Christus-natuurwezens

Christus-natuurwezens

 

Moeder aarde wil vernieuwen

De tijd waarin we leven is er een van grote versnelling en verandering. We zien mooie, prachtige ontwikkelingen die geboren worden, maar daartegenover ook veel dat donker en negatief is. Onze moeder aarde leeft en wil graag vernieuwen. Alles wat haar niet bevalt spuugt zij uit, laat zij overstromen of wegwaaien. Overal waar de vernieuwende ontwikkeling geen doorgang kan vinden, laat zij zich gelden. Bovendien is zij nu op een leeftijd gekomen dat zij niet meer alles verdraagt. Daarin is zij gelijk als de mens die op latere leeftijd ook behoedzamer moet leren omgaan met zichzelf.

Dat ze nog niet vergaan is door de enorme uitbuiting die heeft plaatsgevonden en nog steeds plaatsvindt, is een heel groot wonder. Dit wonder is niet de verdienste van de mens, maar is te danken aan de Christus die op aarde kwam door in de mens Jezus in te dalen. Hij stierf aan het kruis, waarbij hij met de druppels van Zijn bloed zijn geest in de aarde bracht, en is nu opnieuw verschenen (geboren) in de etherische wereld (zo dadelijk meer hierover).

Hij is gekomen om ons mensen en moeder aarde te helpen te vergeestelijken. En de mens heeft hierin een belangrijke sleutelrol. Door te groeien in bewustzijn en kennis te nemen van de geestelijke wereld, zal er een sterkere verbinding komen tussen ons dagelijkse leven en de geest in alles wat leeft.

 

Rudolf Steiner over de Christus-natuurwezens

In 1911 heeft Rudolf Steiner gezegd dat de komende verschijning van de Christus in de etherische wereld gekenmerkt wordt door nieuwe mogelijkheden (voordracht 19 september 1911 in Locarno). De sluier tussen de geestelijke wereld en die van de materie wordt steeds meer doorlaatbaar waardoor een natuurlijke helderziendheid/heldervoelendheid voor de mensen mogelijk is. Ook, zo vertelt hij, zullen in de natuur tegen het einde van de 20ste eeuw een geheel nieuwe soort van natuurwezens tevoorschijn treden, die als dienaren van Christus zullen werken. En precies zo is het gebeurd. Sinds 1996 zijn verschijningen van Christus-natuurwezens in de etherische wereld waargenomen.

 

Over de etherische wereld

Het etherische veld is die ruimte die als een levenskracht verzorgende ader om de aarde heen ligt. De grootte van dit veld reikt vanaf de aarde tot aan de baan die de maan beschrijft. Uit het etherische ontvangt de aarde haar levenskracht om vol te houden, om dan na zeer lange tijd over te gaan in haar nieuwe incarnatie. In deze etherische wereld leven en werken ook alle elementaire wezens. Zij zijn de uitvoerende scheppingskrachten. Waar wij ook heen kijken, zonder deze wezens zou er niets zijn. Vanuit de hoogste werelden worden zij aangestuurd en zij vormen de laatste en uitvoerende schakel van het scheppingswoord.

Met de hulp van de etherische Christus en het verschijnen van de Christus-natuurwezens is het mogelijk om mens en aarde in bewustzijn van het geestelijke te laten groeien.

 

De plaats van de mens

Wij mensen zijn de sleutelfiguren en de belangrijkste schakel bij het vergeestelijken van moeder aarde. In ons boek “Leven met natuurwezens” beschrijven we (zie hoofdstuk 2) hoe de mens langzaam een trede op de evolutieladder omhoog schuift. Daarbij gaat ook de zorgtaak die de engelenwereld voor de natuurwezens heeft, langzaam over naar de mensen. Dat betekent dat het nodig is om bewustzijn te ontwikkelen van en over de natuurwezens en dat wij leren contact op te nemen met de natuurwezens, zodat er samenwerking kan ontstaan. Want ook de natuurwezens hebben het sterke verlangen om zich verder te ontwikkelen naar een hoger niveau van bewustzijn (een voorbeeld daarvan hebben we beschreven in ons genoemd boek in hoofdstuk 6, blz. 62 “Een hulproep uit de natuur”).

 

Oefenen in bewust voelen

Maar hoe kunnen we zorgdragen voor iets wat we in de meeste gevallen nog niet kunnen zien, omdat onze geestelijke ogen nog niet voldoende ontwikkeld zijn? Dat is wel een belangrijk punt, want het gaat helemaal niet om het kunnen zien met onze fysieke ogen. Het gaat om het voelen. Het gaat om het weten met het hart dat er een wereld vol natuurwezens is. En er is heel veel wat wij kunnen doen om het voelen met ons hart te scholen. Namelijk door te oefenen en bewust te leren voelen van: hier voelt het fijn en is er harmonie, en daar voel ik dat helemaal niet of veel minder. Het beste kun je hiervoor een stukje natuur opzoeken, waarvan je innerlijk weet, ja hier is alles zoals het hoort te zijn. Een plek die nog puur en onbedorven is. Ook al is het maar een vierkante meter, laat je raken in je hart door de schoonheid die je ziet en laat dan je liefde stromen naar hetgeen je heeft aangeraakt.

De ontroering die je voelt is pure Christusliefde die in je hart ontwaakt door de schoonheid in de natuur. Bovendien als je dit oefenen in de natuur regelmatig doet, zul je merken dat je hoofd rustiger wordt en je niet meer zo in beslag genomen wordt door de dagelijkse rompslomp waar we allemaal mee te maken hebben. Er komt een wisselwerking tussen jou en de wereld van de natuurwezens, want op die momenten stroomt er ook Christusliefde naar jou terug die helend doorwerkt in je leven.

 

Taak van de Christus-natuurwezens

Maar wat gebeurt er met onze liefdevolle energie voor de natuurwezens.

Deze liefdesenergie stroomt, omdat ze van een hogere orde is, ogenblikkelijk de etherische wereld binnen. Dit is de energie waar de Christus-natuurwezens op wachten want met deze liefdesstroom vanuit de mens kunnen zij hun taak vervullen. Hiermee kunnen zij overal waar de natuurwezens door donkerte en disharmonie wegkwijnen en daardoor op hun laagste energiestand alleen nog het hoognodige kunnen volbrengen, helpen met nieuwe Christus- energie.

Je zou zeggen, waarom doet de Christus die ook in de etherische wereld is dat dan niet meteen rechtstreeks? Dat is omdat de mens nu heel langzaam gaat groeien naar het geestelijke en daarmee ook verantwoordelijkheden krijgt te dragen voor de wereld van de elementaire wezens.

 

Een eigen ervaring

Volgende ervaring wil ik graag met jullie delen omdat dit aangeeft hoe onverwacht en verrassend dit delen met de wezens van de natuur kan zijn:

Op weg naar Salzburg stonden we met de auto stil bij een stoplicht voor een wegverbouwing. Naast mij was een hoge berm en toen ik daar inkeek, ontdekte ik een onnoemelijke hoeveelheid aan bloemen, planten en kruiden. Dat kleine stukje wat ik kon zien door het zijraam van de auto, was paradijselijk mooi ondanks alle verkeersopstopping, uitlaatgassen en bouwlawaai. Mijn hart stroomde uit en terwijl dat gebeurde, werd ik heel diep aangeraakt en in mijzelf geworpen. Ik werd op de pijnlijke plekken die ik daar voelde, liefdevol vastgehouden en getroost. Een helende troost van een hogere orde. Het voelde zo van: kijk...kijk ons eens stralen te midden van al dat lelijks, ons wordt niets gevraagd...wij zijn waar wij zijn en doen wat we moeten doen en het gaat heel goed zoals je ziet...jij kunt dat ook!!!

 

Kosmische wetten

Pas veel later begrepen we de diepere achtergrond van bepaalde kosmische wetten. Kennis uit de boeken van Rudolf Steiner zijn als prachtige bergkristallen die de vele facetten van het geestelijke leven naar alle kanten laat uitstralen. Een facet hierover heeft ons bijzonder geraakt. Namelijk over wat er gebeurt als je liefde laat uitstromen naar de geestelijke wezens van de natuur. Daarover zegt Rudolf Steiner (Die Geistigen Wesenheiten in den Himmelskörpern und Naturreichen) in grote lijnen het volgende:

Wat van de mens uitstroomt de geestelijke wereld in, reist buiten de tijd om naar verre oorden. Het stroomt daar uit naar hoge geestelijke wezens die onze sterren en planeten bewonen, waar het in ontvangst genomen wordt. Zij zijn het die datgene wat van de mens uitstroomt gevuld met bewustzijn van het geestelijke, het licht en liefde weer terugkaatsen naar de mens op aarde.

Dat is de heling, zoals de ervaring die we hier boven beschreven, kunnen verkrijgen als wij ons daarvoor openstellen. Dit is ook wat Rudolf Steiner bedoelt, als hij spreekt over dat het nodig is dat de mens de taal van de sterren en planeten leert verstaan.

 

Tot slot

Zo leren we langzaam begrijpen welke taak de mens en de Christus-natuurwezens met elkaar hebben voor  alle natuurwezens. De Christus zelf is in de etherische wereld gekomen om ons te laten groeien in liefde, waardoor wij ook meer opengaan voor het schone en mooie van alles om ons heen. Hij helpt ons de verbinding te leggen tussen ons dagelijkse bestaan en de geestelijke wereld. En wij mensen krijgen daardoor de mogelijkheid om met ons groeiend besef van de geestelijke wereld, wat liefde en bewustzijn inhoudt, de Christus-natuurwezens te helpen, om aan de dringende noodkreet van de natuurwezens gehoor te geven en hulp te bieden.